De Pensioenovereenkomst voor Zelfstandigen (POZ): wat mag u verwachten?

Zelfstandigen zonder vennootschap kunnen binnenkort op een nieuwe manier voor een aanvullend pensioen sparen. De Pensioenovereenkomst voor Zelfstandigen (POZ) wordt dan immers een feit. Wij lichten alvast een tip van de sluier.

De context

Zelfstandigen doen er goed aan om zelf te sparen voor een aanvullend pensioen. Het gemiddelde wettelijk pensioen van een zelfstandige ligt immers een stuk lager dan dat van een werknemer.

Zelfstandigen die met een vennootschap werken, kunnen een aanvullend pensioen bijeen sparen via een Vrij Aanvullend Pensioen voor Zelfstandigen (VAPZ) en via een individuele pensioentoezegging (IPT). Wie zonder vennootschap werkt, mag een IPT vergeten. Voor hem of haar was er tot nu enkel het VAPZ, naast de klassiekers pensioen- en langetermijnsparen.

Daarbij komt dat de maximale bijdrage voor een VAPZ beperkt is tot 8,17% (voor een gewoon VAPZ) of 9,40% (voor een sociaal VAPZ) van het referentie-inkomen. Hiervoor gelden nog eens absolute maxima ten bedrage van € 3.187 (gewoon VAPZ) en € 3.667 (sociaal VAPZ). Omdat de regering de aanvullende bedrijfspensioenen wil stimuleren, drong een extra vehikel voor de zelfstandigen zonder vennootschap zich dan ook op.

Drie maanden na de publicatie in het Staatsblad zullen zelfstandigen zonder vennootschap dan ook bijdragen kunnen storten in een POZ, naast hun stortingen in een VAPZ. Ook zelfstandigen in bijberoep en meewerkende echtgenoten kunnen onder bepaalde voorwaarden een POZ afsluiten.

Fiscaal voordeel

De stortingen in een POZ leveren een belastingvoordeel op van 30% (+ gemeentebelasting). Er moet wel een verzekeringstaks betaald worden van 4,4% op de premie. Het bedrag dat de zelfstandige maximaal kan storten voor één jaar wordt beperkt door de (aangepaste) 80%-regel. Die wordt berekend op basis van het gemiddelde inkomen van de voorbije drie jaar.

Uitkering

Het bijeen gespaarde kapitaal kan ten vroegste uitgekeerd worden wanneer de zelfstandige met wettelijk pensioen gaat of wanneer hij in aanmerking komt voor een (vervroegd) wettelijk pensioen. De uitkering wordt belast a rato van 10% (+ gemeentebelastingen) en via een solidariteits- en invaliditeitsbijdrage. Naar analogie met een VAPZ en IPT kunnen zelfstandigen via een voorschot op de reserve in het contract investeren in de aankoop, bouw of verbouwing van vastgoed. Ook de combinatie met een bulletkrediet is mogelijk.

Ook investeren in tak 23

Bij een VAPZ wordt er enkel geïnvesteerd in tak 21, waarbij de klant een gewaarborgd rendement geniet. Investeren in tak 23, waarbij het rendement samenhangt met de resultaten van één of meerdere onderliggende fondsen, kan niet bij een VAPZ. Dat is anders bij een POZ, waarbij zowel tak 21 als tak 23 mogelijk zijn. In tijden van ultralage rentestanden is dit een opportuniteit voor de zelfstandige om mogelijk uitzicht te krijgen op een hoger rendement.

  • Twitter
  • LinkedIn
  • Facebook

, , , , , , , , ,